 1685 -
-
| Naam |
BAILLEU Jean Francois |
| Geboorte |
2 mrt 1685 |
Lille, Nord Hauts de France, France |
| Geslacht |
Mannelijk |
| Overlijden |
West-Souburg, Zeeland, Nederland |
| Persoon-ID |
I12462 |
Koppejan, Willeboordse |
| Laatst gewijzigd op |
2 feb 2020 |
| Vader |
DE BAILLEUL Nicolas, geb. Lille, Nord Hauts de France, France ovl. 22 jan 1709, Groede, Zeeland, Netherlands |
| Moeder |
LE DUC Joanna (Janneke), geb. Linselles (Frankrijk) ovl. 10 apr 1710, Groede, Zeeland, Netherlands |
| Gezins-ID |
F18452 |
Gezinsblad | Familiekaart |
| Gezin |
HARDY Marie Marguerite, geb. Quesnoy-sur-Deule, Frankrijk ovl. West-Souburg, Zeeland, Nederland |
| Kinderen |
| + | 1. BAILIEU Jacob, geb. 4 apr 1715, Cadzand, Zeeland, Nederland ovl. 5 feb 1752, Koudekerke, Zeeland, Nederland (Leeftijd 36 jaar) |
| | 2. BAILLEU Abraham, geb. 4 jul 1716, Cadzand, Zeeland, Nederland begr. 14 nov 1759, West-Souburg, Zeeland, Nederland (Leeftijd ~ 43 jaar) |
| | 3. BAILLEU elizabeth, geb. 19 nov 1718, Walloon, Cadzand Zeeland ovl. Middelburg, Zeeland, Nederland  |
| | 4. BAILLEU Sara, geb. 28 okt 1722, Cadzand, Zeeland, Nederland ovl. 20 nov 1722, Cadzand, Zeeland, Nederland (Leeftijd 0 jaar) |
| | 5. BAILLEU Isaak, geb. 30 nov 1723, Cadzand, Zeeland, Nederland ovl. 17 jun 1775, Koudekerke, Zeeland, Nederland (Leeftijd 51 jaar) |
| | 6. BAILLEU Maria, geb. Cadzand, Zeeland, Nederland ovl. 27 okt 1770, Koudekerke, Zeeland, Nederland  |
| | 7. BAILLEU Anthonette, geb. Cadzand, Zeeland, Nederland ovl. 21 jun 1784, West-Souburg, Zeeland, Nederland  |
| | 8. BAILLIEU Isaak, geb. Cadzand, Zeeland, Nederland ovl. 2 feb 1717, Cadzand, Zeeland, Nederland  |
|
| Gezins-ID |
F18451 |
Gezinsblad | Familiekaart |
| Laatst gewijzigd op |
2 feb 2020 |
-
| Foto's |
 | wapen bailleu Foto is toegevoegd als Smart Match van de stamboom 'Baljeu Web Site \ Baljeu-1.0.0.737' door: Jacques Baljeu |
-
| Aantekeningen |
- Hattemist. Zie art. van Dr. J. Hullu in het Bulletin de la Commission de l 'histoire des Eglises Wallonnes. 2de serie, tome 4 1909 P. 201-212 getiteld s 'Hérésies Hattemistes dans l 'Eglise Wallone de Cadzand vers 1720-1730.
Recu membre de l Église de Middelburg 1725 21 octobre. Waalse Fiches CBG. + Lidmatenboek Waalse kerk Middelburg.
Geboorte Anthonette 1730/31 (Lasonder 1523 weeskamer West Souburg folio 26 en 42) en overlijden (lasonder 1523 folio 26) van Jean Francois Bailleu
Archief: Het vrije van Sluis nr 186 folio 189,191,192 ( bronnen i.v.m. Haatemisme).
Jean Francois is op 27 jan. 1705 te Verlinghem doopgetuige als Joannes Franciscus (RK doopboek) bij doop van Maria Francisca, dochter van Nicolaas Bailleu (halfbroer Jean Francois, genoemd bij huw. Groede 7 juni 1710, frere du fiancé)
RK doopboeken Verlinghem, Archives Départementalote Lille (Rijssel)
 
He was Walloon Calvinist of a region of Southern Belgium, speaking French in 1723 in Cadzand
Vrije vertaling (oktagon) van een oud geschrift van de Hullu over:
DE KETTERIJEN VAN DE AANHANGERS VAN DS.VAN HATTEM (HATTEMISTEN) IN DE WAALSE KERK VAN CADZAND van omstreeks 1720-1733, een fragment uit een geschrift van de hullu over de historie van de vluchtelingen in west zeeuws vlaanderen .
=============================================================
Omstreeks het jaar 1732 veroorzaakte de verspreiding van bepaalde afwijkingen van de orthodoxe leer veel "turbulentie" in de boezem van de Waalse kerk van Cadzand ; gelijk of niet,men identificeerde deze ketterijen met de beleden inzichten van ds.van Hattem in zijn kerk van St.Philipsland en, na zijn ontslag,in zijn afwijkende denkwijze en door zijn geschriften.
Hoewel Van Hattem altijd heeft volgehouden dat zijn preken volledig overeenkomstig de gereformeerde doctrine was en wel zodanig als in de symbolische geschriften, weken zijn ideeen toch af van de denkwijzen van de gereformeerden in het algemeen , op het punt van de goedgekeurde kerkdoctrine.
En in hun ogen-gedachten-zij hun ( de Hattemisten) bezoedeld zagen door de denkwijzen van Spinoza ( zie bijlage over de vrijdenker Spinoza) en welke het als hun plicht beschouwden om de verspreiding ervan energiek te bestraffen /tegen te gaan.
Deze schadelijke ketterijen drongen ook in de loop van de tijd bij de waalsen van Cadzand door,zoals zij,die het bestreden,vertelden.
Wij leren (lezen,nemen waar),dat hetgeen begon met het verspreiden en het bevechten ervan,door een brief van Pierre Bruckner,toen "pasteur"in Cadzand en gericht aan zijn collega Dumont in Rotterdam.(Orig.actes aanwezig!):
"Het schijnt,dat door onze actes (geschriften uit de consistorie Cadzand), zegt hij dat Jean Francois Ballieu de eerste zaden van twijfel strooide van de vergissingen in de periode van de de hevigheid (het gedonder!) toen Mr. Casaudoumecq nog hier was en hij heeft onderwezen en in stand gehouden :
'1 dat het gebed geen zin had,
'2 dat het een kwestie van onverschilligheid was om kinderen te dopen,
'3 dat het niet nodig was om heilge bijeenkomsten te bezoeken
'4 dat een hervormde zoals hij niet kon vissen in troebel water,
'5 dat hij geen zonde beging,
'6 dat hij zich gepakt voelde door de onbetrouwbaren,hij zou nooit zo gek zijn om zich door zijn religie tot martelaar te laten maken.
'7 dat de Schrift niet lijdt (geleid wordt) door literaire gevoelens (richtingen),
'8 dat wij niet verplicht zijn de tien geboden te bekijken (in de gaten te houden), fouten,waardoor hij verplicht werd ,die te herroepen in het aangezicht van de kerk en te beloven zijn mond te houden .
Hij hield geen woord,want in het jaar 1723 werd hij opnieuw beschuldigd en toen de Koning van Frankrijk (messieurs) zich erin mengde,vluchtte hij naar Zeeland, alwaar hij stierf.
Hij liet hier vele volgelingen achter, waaronder er 6 leidinggevende werden ondervraagd door onze bestuurders (magistraten),die hun opdroegen hetzelfde te doen als hun leermeester. (Dus herroepen)
Ook werd bevonden,dat er enkele jaren waren dat het aantal afgescheidenen fors was toegenomen, dat hun families erbij werden betrokken en dat ze onbeschaamd werden.
Vandaar dat wij ons verplicht voelen om daarvan kennis te geven aan de Synode van Zwolle ."
In de brief van het consistorie aan de Synode van Zwolle,van 25 aug.1732, men leest oa . het volgende:
"Wij voelen ons onvermijdelijk verplicht om de eerbiedwaardige assemblee te waarschuwen (op de hoogte te stellen) van een kwestie,welke zeer ernstig is geworden en die,indien wij die niet in de gaten houden,mogelijk een verlies van een groot deel van onze groepering (troep) zal zijn . Wij schreven reeds naar de Synode van Gouda,die ons attendeerde om waakzaam te zijn en maatregelen te nemen hetgeen we deden,maar we durven te zeggen dat onze maatregelen bijna zonder resultaat waren en dat het kwaad groter is geworden dan ooit.
In onze brief aan de Synode van Gouda hebben we alleen gesproken over mensen die de publieke cultus verwierpen en de dominee in deze kerk verachten,die de noodzaak van het gebed en de sacramenten ontkent, (en nog veel meer zaken niet braaf in overeenstemming van de eref.doctrine,niet in acht neemt,vn.op gebied van doop en overlijden!)
Vervolgens (okt.) worden er op de resterende 7-8 bladzijden retorieken gehouden over uitleg van bijbeldelen als Corinthiers,Job.,ea. en hoe zij-de geref.erover denken en de correspon- dentie met andere kerkgemeenschappen en met de Mess. de France betreffende uitsluitingen en verbanningen.
In feite voelde Bruckner in september 1735 zich verplicht ,ook door de activiteit van een collega in Rotterdam om opnieuw de gedragingen van de andersdenkenden in zijn kerk te melden aan de Synode. Bij deze gelegenheid vermeldde hij opnieuw de afdwalingen (vergissingen) die zij in zeker mate begingen met betrekking tot de opstanding en de bijbelteksten waarop deze waren gebaseerd.
Hij schreef: "Zij voeren aan vers 32 uit hfst.21 (Job) om te bewijzen dat er geen aanwijzing van opstanding was.
Zij gebruiken bij onze diensten (saintes assemblees)en bij het zingen van de psalmen uit (over) David op ps.2,1 of nog meer over datgene in de oudere versies van die psalmen.Zij belijden (onderhouden)dat David hfst.12 en I ep (epos, gedicht?) van St.Petrus hfst.5 zijn bedoeld voor hen die dromen en die zich bevinden in de (tronck)"greep?" van de vissers.
Ze zeggen dat deze zwijnen waarover wordt gesproken in Math.8,degenen zijn die niet in hun denkwereld passen.Ze voeren bij onze consistories aan dat hetgene dat staat in St.Petrus Acte 4,27.
Ik zou het nog met enige andere uitleggingen kunnen aanvullen,maar zij zijn niet minder onbeschaamd dan degenen die ik al voorging ( in kerkdienst).
Wat betreft het gedrag van het merendeel van die mensen,heb ik de eer U te zeggen dat het zeer ongeregeld ( niet meer onder controle te houden ) is en bewijst dat hun hart net zo bedorven is als hun geest .Velen onder hen leven in losbandigheid,allen spotten met de discipline van de kerk en verwaarlozen helemaal onze heilige diensten.
Hier nog iets meer,maar waarvan ik geen voldoende bewijzen heb;enige personen hebben me gemeld dat Jean Lorent,een man die is ondergedompeld in de ondeugd van de dronkenschap,bracht het volgende in omloop: "dat hij geld van zijn broers had ontvangen om te drinken en om uit hun naam te zeggen,dat hij aan de drank was en omdat een gestoorde man niet verantwoordelijk is voor hetgeen hij zegt; dat hij me opdracht had me aan te vallen en mij te bestrijden op het gebied van de Schrift,dat hiij geen idee van God had,dat de Schrift niet goddelijk was,dat hij papiste ( rk) was,dat het bloed de ziel was,dat de vluchtelingen schurken waren door hun land te verlaten uit liefde voor hun religie, dat als iedereen zijn gevoelens (denkwereld) had men alleen te maken zou hebben met overheid (magistraten) en dominees!
Het lijkt me dat ik,bovenop hetgeen ik heb gezegd nog een lijst moet toevoegen van de aanvoerders van de afgedwaalden (afgescheidenen),welke zijn Francois Millecamps,Jacques del Haye en Jean Marc Poley"!
L'Hattemistery,zoals men de doctrines noemt van Millecamp en zijn aanhangers heerst niet alleen in de waalse kerk van Cadzand,maar dringt ook binnen in de boezem van de zusterkerken in de omgeving. Bekijken we ook Claude Wicard, dominee te Groede en beschreven in 1737 naar de Synode van Maastricht,dat gedurende zijn "diensttijd" van 6 jaar in Groede hij: " voortdurende pogingen deed om de meest verschrikkelijke dwalingen als wrede voorbestemming (hel?) uit te roeien,die God maakt tot de l'autheur ( houder?) van de zonden van de mens en hun eeuwige verdoemenis en dit
automatisch dankzij zijn "tronck" (lot,voorbestemming),tot de dood door hetgene men navolgt dat men zal worden gered door de verdienste(?) van Jezus Christus zonder er spijt van te hebben van de nutteloosheid van het gebed,de goede werken en de moraal,de onfeilbaarheid met interpretatie van de heilige Schrift,men kan niet zondigen (met brede omschrijving!) ,er is geen aanwijzing (punt) voor opstanding van het Kwade! "
|
|