 1545 - 1625 (80 jaar)
-
| Naam |
PLOUGH Laurens |
| Geboorte |
1545 |
Antwerpen, 2000, Antwerpen, België |
| Geslacht |
Mannelijk |
| Overlijden |
26 mrt 1625 |
Sint Maartensdijk, Nederland |
| Persoon-ID |
I10384 |
Koppejan, Willeboordse |
| Laatst gewijzigd op |
30 nov 2014 |
-
| Aantekeningen |
- Plouch
Familienaam met een of meer militairen die bij de forten Lillo en/of Liefkenshoek (en hun steunforten Blauwgaren, Frederik Hendrik en Kruisschans) betrokken waren, inclusief de militaire bemanningsleden van de wachtschepen in de vloot voor Lillo
Gepubliceerd in : Repertorium van personen in en nabij de Scheldeforten Lillo en Liefkenshoek, 1585-1786 deel 2c
Opgenomen in : Genealogische Afschriften 937
 
jhr. Laurens Plouch, Baljuw van St. Maartensdijk. Watergeus, waarschijnlijk schildknaap en stalmeester van admiraal Lumey in 1572, sergeant-majoor in 1581, gouverneur te Geertruidenberg van 1581 tot 1588, overste in 1587, bevelhebber van een der forten in 1590, baljuw en drost te St. Maartensdijk tussen 1599 en 1615, gedeputeerde ter Staten-Generaal voor graaf Philips van Hohenlohe in 1600.
Het wapen Ploegh is als manswapen aanwezig geweest in de kerk te Sint Maartensdijk. Het betreft 3 zwarte ploegen op een gouden veld; cimier: zilveren ooievaar met rode bek en poten. (Bron: Wapenborden en Wapens op Tombes, Monumenten en Grafgesteenten in de kerken van de voormalige Provincie Zeeland tot in 1798 aanwezig geweest, deel III, door P.J. Rethaan Macare)
12-6-1572: Laurents Ploech ondertekent met Jan Claesz, van Sneek, Cappeteyn Cornelius van Luerdingen, Willem Mahuysen, Hans Camphoirts en Cappeteyn Wyllem Claesz een brief aan 'den Capiteynen oft bevelsluyden van onsen G.H. den Co. Van Spaengiën, nu teghenwordelick wesende bynen den bolwercke van Delftsiele'. In deze brief schrijven zij dat de hertog van Alva 'veel toegericht heeft in onsen landen, sonder consent, weten ende wille van onsen G.H. den Co. Van Spangiën' en dat hij bovendien niet in staat is hen te ontzetten. Zij verzoeken de kapiteinen in Delfzijl 'alsoe wy allen ingeborenen van onsen lande gelijckerhant behoren eendrachtich te wesene, om denselvighen onsen vyant gelijckerhant uyt onsen landen te verdryven, met allen synen aenhanck, opdat tselve mach geregeert worden by de rechten erven ende heeren van denzelven. Soe laeten wy uleeden weten, dat onse fruntelijcke bede aen ulueden is, oftet ulueden gelieven uwe schantsche met tghene daer tegenwordichlyck inne is op te geven, in onsen handen, tot onsen G.H. den Co. van Spangiën und des edelen Prince van Oraengiën behoeve'. Een kopie van deze brief van deze 'Capnes. Pirattes ancrez vice à vice du Delfzyl', maakt onderdeel uit van de 'Correspondence de Frise' van de landvoogd in Brussel [De Vrije Fries, 1859, p.406].
7/8-1572: In de rekeningen van de tresorier van de geuzenadmiraal Lumey, opgetekend voor een tocht van Delft naar Amsterdam, komt een zekere Plouch voor. Op 29-7-1572 staat er 'déboursé à Plouch, establier de monsieur, 30-2 [florijnen en stuiuivers]'. Op 16-8-1572 'livré 44 daldres à 30 ptr. [= stuivers] ès mains de Plouch, l'escuier de monsieur, au village de Ouderkerck, lequel argent il ha payé pour un jeune cheval bigaré, 66 [fl]'. Op 20-8-1572 'donné à Plough, l'escuier d de monsieur, 25 daldres à 32 ptr. et 4 Philipus daldres au devandict faubourg, 47 [fl]'. Op 29-8-1572 'donné a Plough en la ville de Haerlem p(ar) nouveau comple 20 daldres à 32 ptr, 32 [fl]'. Waarschijnlijk is deze Plouch, de stalmeester van Lumey, dezelfde als Laurens Plouch [J. Smit (1925). De tocht van Lumey naar Amsterdam, in 1572. Bijdragen en Mededelingen van het Historisch Genootschap, p.90 e.v.].
6-10-1581: Besluit van de Staten van Holland aan de prins te schrijven over de bewaring van de stadssleutels van Geertruidenberg, door de sergeant-majoor Laurens Plouch of door Duvenvoorde [Brieven Willem van Oranje nr. 11540].
21-6-1584: Akte van machtiging door Laurens Plouch, superintendent te Geertruidenberg, van zijn vrouw Geertruijt van Santvoirt en jonker Gommaer La Rue, om met zijn schoonzuster Elizabeth van Santvoirt, de zaken met betrekking tot de nalatenschap van zijn schoonouders Ghijsbrecht van Santvoirt en Elizabeth Heeren te behartigen en een akte van deling voor wethouders van Antwerpen te laten passeren [Rechterlijk archief Geertruidenberg, inv. nr. 12, R. 12, fol. 12v].
8-2-1586: Akte waarbij leden van de magistraat van Geertruidenberg Laurens Plouch, superintendent te Geertruidenberg, hebben ontboden en hem aangezegd dat twee jonge gesellen uit Made, met name Jaspaer Andriess. en Huijbrecht Geritss, gevangen zitten in banden van ijser ten huize van de provoost en zich afvragen wat hij met hen zal gaan doen ⬦dat dezelve Recht begeerden (de twee jongelieden), zij borgers zyn zoo wel als d Ingesetenen dezer stede, waerop de voirss superintendent antwoorden, Sy zyn daer wel Ick wilse daer laten oft Ick wilse naden hage seynden, waerop den officier antwoorden, Inden hage begeeren zy wel te zyn met haer partye repliceerde den voirn superintendent Ick wilze laten blyfven daer zij sijn, zy zyn dadaer wel bewaert, waerop een vande magistraet den selven superintendent vraechde oft hij daer dan zyn werck van maecten ende oft hy hem dezelve gevangenen aentrock, alzoo zy borgers zyn, ende de zaecke den officier deser stadt aenging ende dat hy hem sulcx soude vermyden te doen oft den officier ende magistraet wisten wat zy te doen hadden waerop de superintendent seyde Jae ende is alzoo tusschen zyn tanden murmurerende wech gegaen sonder ennige antwoorde meer te geven [RA Geertruidenberg, inv.nr.13, 1586-1589, fol.2r].
23-2-1588: Akte van transport door Thomas Damass. te 's Gravenmoer aan Henrick Anthoniss. te Geertruidenberg, van een assignatie van Laurens Plouth, superintendent te Geertruidenberg, zijnde 230 tonnen turf, belast vanwege de heer Van Hohenloe op de borgmeesters en regeerders van 's Gravenmoer, Capelle, Raamsdonk en Waspik [RA Geertruidenberg, inv.nr.13, 1586-1589].
2-2-1590: Als bevelhebber van een der forten is bekend Laurens Ploegh [Resol. van Holland; Bijblad Navorscher 1854, p.7].
1592-1594: In de jaren 1592 tot 1594 hebben er plannen bestaan om de landsheerlijkheid van Groningen op te dragen aan de hertog van Brunswijk. De Spanjaarden waren in het noorden teruggedrongen, maar vanwege een Spaansgezinde magistraat van Grononingen liepen pogingen van Staatse zijde om de stad op vreedzame wijze te winnen op niets uit. Daardoor leek een derde mogelijkheid perspectief te bieden, namelijk een neutralisering van de stad onder een Duits vorst. Spanje zou verlost zijn van de kosten voor de verdediging van een stad die een verre buitenpost was geworden en Holland van de kosten van een verovering. Laurens Plouch heeft een rol gespeeld bij deze heimelijke plannen, waar vooral de graaf van Hohenlohe en Oldenbarnevelt achter zaten. Dit blijkt o.a. uit een gecodeerde brief die het stadsbestuur aan zijn gezanten te Brussel had gezonden, maar die in handen was gekomen van de Staten-Generaal en ontcijferd werd. Hierin stond dat Jan ten Buer de magistraat van Groningen vertrouwelijk had gerapporteerd dat hij in Niezijl toevallig Laurens Ploech ontmoette, die opdracht had van doctor Barnevelt, de raadpensionaris van Holland en Zeeland, en de Staten-Generaal, evenwel zonder medeweten van de afgevaardigden van XVI (Friesland?) om contact te zoeken met hem en Machiel (onbekend) en hun mee te delen, dat men eindelijk besloten had Groningen met geweld aan te pakken als de stad niet binnen drie dagen een vriendschappelijk verdrag zou sluiten. [W. J. Formsma (1975), De aanbieding van de landsheerlijkheid over Groningen aan de hertog van Brunswijk in de jaren 1592-1594, BMGN, pp. 1-14; zie ook: Mededeeling van eene ontmoeting tusschen Jan ten Buerenston en eenen edelman, genaamd Laurens Plouch, over het voornemen om Groningen tot de generale staten terug te brengen in Groninger Archieven; Register Feith nr. 735; deze mededeeling is gedeeltelijk in cijfers; in afschrift bl. 53, deel 62; 1594].
1593: De overste Duvenvoorde wordt uit naam van de jonge 'Graeff Hendrick van Nassau' als gouverneur van Geertruidenberg aangesteld, 'beneffens soe werde dit onder de hant also doorsteecken om den Grave van Hohenloe ende Laurens Plouch, die t'anderen tijden de stadt qualijcken geregeert hadden met eenige apparente schijn daervuyt te houden ende dat sij geen reden van miscontentement en souden hebben [⬦] oick omdat men sach wat moeyte den Graeff van Hoheloe maeckte om metter tijt tgesach binnen Bredae te krijgen, daeromme met te meer vreesde hem ofte yemant vande sijnen in de goederen van Nassau eenige gouvernementen ofte bevelen te geven' [Anthonis Duyck, Journaal 1591-1602, p.245].
20-7-1594: Juffrou Plouch wordt begraven in de Oude kerk van Delft.
19-5-1596: Laurens Ploech, weduwnaar, afkomstig uit het land van Hulst, wonend op Oude Delff achter de brouwerie van 't Ruweel ondertrouwt te Delft met Margarieta Rochusdr Grijp, weduwe van Arent Brouwer, wonend te Dordrecht. Met attestatie op Dordrecht.
22-9-1597: Een kind van Lourens Plooch wordt begraven in de Oude kerk van Delft; op 5-10-1598 nog één.
10-3-1603: Philips Grave van Hohenlohe vrijheer tot Langenberch Baron van Liesvelt Lieutenant grael. over Hollant, Zeelandt Westfrieslandt Etc Sijne Gen: Authoriseert ende committeert mitsdesen Sijne lieve getrouwe,Louwerens Plough, Drossart tot Ste Martensdijck ende Pieter vuijt Mattemburch, hen te vervoegen tegens den 17 en deser maendt Martij, goets tijts voorden middagh binnen Zierickzee, omme aldaer te aen hooren die Reckeninge die Reeckeningen die bij den Dickgrave ende Gesworens van Orisande sal worden gedaen, ende daerop te doen ende te helpen resolveeren,soo sij ten meesten dienste ende prouffijt aen sijne Gen: sullen vinden te behooren. Actum Delfft den 10 en Martij 1603 Stilo novo Philips Ghraeff van Hohenloo.
1623: Laurens Plouch wordt aangeslagen voor £ 5 [1000e penning St. Maartensdijk 1623]. (Bron: Kwartierstaat van Foort Wabeke, door Klaasjan Visscher, mei 2008), ovl. te St. Maartensdijk op 26 mrt 1625, otr. (2) te Delft op 19 mei 1596, kerk.huw. te Poortugaal op 26 mei 1596 met Margarieta Rochusdr Grijp, ovl. voor 8 jan 1604, relatie(1) met Geertruydt van Santfoort.
Laurens Plouch, sergeant-majoor in 1581, gouverneur te Geertruidenberg van 1581 tot 1588,
bevelhebber van een der forten in 1590, baljuw en drost te St. Maartensdijk tussen 1599 en 1603,
gedeputeerde ter Staten-Generaal voor graaf Philips van Hohenlohe in 1600, overleden te
St. Maartensdijk op 26 maart 1625, ondertrouwt (2) te Delft op 19 mei 1596 met Margarieta
Rochusdr Grijp, trouwt (1) met
1591. Geertruydt van Santfoort, dr. van Ghijsbrecht van Santfoort en Elisabeth Heeren
 
Het wapen Ploegh, als manswapen in de kerk te Sint Maartensdijk: 3 zwarte ploegen op een gouden veld; cimier:
zilveren ooievaar met rode bek en poten [Wapenborden en Wapens op Tombes, Monumenten en Grafgesteenten in de
kerken van de voormalige Provincie Zeeland tot in 1798 aanwezig geweest', deel III, nr. 2, door P.J. Rethaan
Macare; Oude Kerk Maartensdijk N 288 2e deel].
1572: In de rekeningen van de tresorier van de geuzenadmiraal Lumey, opgetekend voor een tocht van Delft naar
Amsterdam, komt een zekere Plouch voor. Op 29-7-1572 staat er 'dÔeboursÔe áa Plouch, establier de monsieur, 30-2
[florijnen en stuivers]'. Op 16-8-1572 'livrÔe 44 daldres áa 30 ptr. [= stuivers] áes mains de Plouch, l'escuier de
monsieur, au village de Ouderkerck, lequel argent il ha payÔe pour un jeune cheval bigarÔe, 66 [fl]'. Op 20-8-1572
'donnÔe áa Plough, l'escuier de monsieur, 25 daldres áa 32 ptr. et 4 Philipus daldres au devandict faubourg, 47 [fl]'. Op
29-8-1572 'donnÔe a Plough en la ville de Haerlem p(ar) nouveau comple 20 daldres áa 32 ptr, 32 [fl]'. Wellicht is deze
Plouch, de stalmeester van Lumey, dezelfde als Laurens Plouch [J. Smit (1925). De tocht van Lumey naar
Amsterdam, in 1572. Bijdragen en Mededelingen van het Historisch Genootschap, p.90 e.v.].
6-10-1581: Besluit van de Staten van Holland aan de prins te schrijven over de bewaring van de stadssleutels van
Geertruidenberg, door de sergeant-majoor Laurens Plouch of door Duvenvoorde [Brieven Willem van Oranje nr.
11540].
21-6-1584: Akte van machtiging door Laurens Plouch, superintendent te Geertruidenberg, van zijn vrouw
Geertruijt van Santvoirt en jonker Gommaer La Rue, om met zijn schoonzuster Elizabeth van Santvoirt, de zaken
met betrekking tot de nalatenschap van zijn schoonouders Ghijsbrecht van Santvoirt en Elizabeth Heeren te
behartigen en een akte van deling voor wethouders van Antwerpen te laten passeren [Rechterlijk archief
Geertruidenberg, inv. nr. 12, R. 12, fol. 12v].
2-2-1590: Als bevelhebber van een der forten is bekend Laurens Ploegh [Resol. van Holland; Bijblad Navorscher
1854, p.7].
1592-1594: In de jaren 1592 tot 1594 hebben er plannen bestaan om de landsheerlijkheid van Groningen op te
dragen aan de hertog van Brunswijk. De Spanjaarden waren in het noorden teruggedrongen, maar vanwege een
Spaansgezinde magistraat van Groningen liepen pogingen van Staatse zijde om de stad op vreedzame wijze te
winnen op niets uit. Daardoor leek een derde mogelijkheid perspectief te bieden, namelijk een neutralisering van de
stad onder een Duits vorst. Spanje zou verlost zijn van de kosten voor de verdediging van een stad die een verre
buitenpost was geworden en Holland van de kosten van een verovering. Laurens Plouch heeft een rol gespeeld bij
deze heimelijke plannen, waar vooral de graaf van Hohenlohe en Oldenbarnevelt achter zaten. Dit blijkt o.a. uit een
gecodeerde brief die het stadsbestuur aan zijn gezanten te Brussel had gezonden, maar die in handen was gekomen
van de Staten-Generaal en ontcijferd werd. Hierin stond dat Jan ten Buer de magistraat van Groningen
vertrouwelijk had gerapporteerd dat hij in Niezijl toevallig Laurens Ploech ontmoette, die opdracht had van doctor
Barnevelt, de raadpensionaris van Holland en Zeeland, en de Staten-Generaal, evenwel zonder medeweten van de
afgevaardigden van XVI (Friesland?) om contact te zoeken met hem en Machiel (onbekend) en hun mee te delen, dat
men eindelijk besloten had Groningen met geweld aan te pakken als de stad niet binnen drie dagen een
vriendschappelijk verdrag zou sluiten. [W. J. Formsma (1975), De aanbieding van de landsheerlijkheid over
Groningen aan de hertog van Brunswijk in de jaren 1592-1594, BMGN, pp. 1-14; zie ook: Mededeeling van eene
ontmoeting tusschen Jan ten Buerenston en eenen edelman, genaamd Laurens Plouch, over het voornemen om Groningen tot de generale staten terug te brengen in Groninger Archieven; Register Feith nr. 735; deze mededeeling
is gedeeltelijk in cijfers; in afschrift bl. 53, deel 62; 1594].
1593: De overste Duvenvoorde wordt uit naam van de jonge 'Graeff Hendrick van Nassau' als gouverneur van
Geertruidenberg aangesteld, 'beneffens soe werde dit onder de hant also doorsteecken om den Grave van Hohenloe
ende Laurens Plouch, die t'anderen tijden de stadt qualijcken geregeert hadden met eenige apparente schijn daervuyt
te houden ende dat sij geen reden van miscontentement en souden hebben [à] oick omdat men sach wat moeyte den
Graeff van Hoheloe maeckte om metter tijt tgesach binnen Bredae te krijgen, daeromme met te meer vreesde hem ofte
yemant vande sijnen in de goederen van Nassau eenige gouvernementen ofte bevelen te geven' [Anthonis Duyck,
Journaal 1591-1602, p.245].
20-7-1594: Juffrou Plouch wordt begraven in de Oude kerk van Delft.
19-5-1596: Laurens Ploech, weduwnaar, afkomstig uit het land van Hulst, wonend op Oude Delff achter de
brouwerie van 't Ruweel ondertrouwt te Delft met Margarieta Rochusdr Grijp, weduwe van Arent Brouwer,
wonend te Dordrecht. Met attestatie op Dordrecht.
22-9-1597: Een kind van Lourens Plooch wordt begraven in de Oude kerk van Delft; op 5-10-1598 nog ÔeÔen.
10-3-1603: Philips Grave van Hohenlohe vrijheer tot Langenberch Baron van Liesvelt Lieutenant grael. over
Hollant, Zeelandt Westfrieslandt Etc Sijne Gen: Authoriseert ende committeert mitsdesen Sijne lieve
getrouwe,Louwerens Plough, Drossart tot Ste Martensdijck ende Pieter vuijt Mattemburch, hen te vervoegen tegens
den 17 en d,eser maendt Martij, goets tijts voorden middagh binnen Zierickzee, omme aldaer te aen hooren die
Reckeninge die Reeckeningen die bij den Dickgrave ende Gesworens van Orisande sal worden gedaen, ende daerop te
doen ende te helpen resolveeren,soo sij ten meesten dienste ende prouffijt aen sijne Gen: sullen vinden te behooren.
Actum Delfft den 10 en Martij 1603 Stilo novo Philips Ghraeff van Hohenloo.
1623: Laurens Plouch wordt aangeslagen voor ¹ 5 [1000e penning St. Maartensdijk 1623]. met:
Geertruydt Ghijsbrechtsd van Santfoort, dochter van Ghijsbrecht van Santfoort en Elisabeth Jansd Heeren
|
|